Blog

Zomerserie: Tuinesië en Bankonia (2) Monsters uit het verleden

25 jul 2020 | Blog | 3 reacties

1992

‘Je weet wat er gebeurt als je je mond hierover opentrekt. Bovendien zal niemand je geloven.’ Een ijskoude blik en een venijnig lachje zetten de woorden kracht bij. De auto mindert vaart en stopt. Ik probeer te achterhalen waar we precies zijn maar zo snel herken ik het niet. ‘Volgende week dezelfde tijd, dezelfde plaats.’

Zo snel als mijn pijnlijke lijf het toelaat stap ik uit. Ik kijk om me heen en oriënteer me. De flat waar ik tegenaan kijk is niet mijn flat, maar ik denk te weten waar ik ben. Met mijn tas om m’n schouder begin ik te lopen. Een man en een vrouw die hun hond uitlaten komen me tegemoet. Ik groet hen zo normaal mogelijk. Tien minuten later draai ik de sleutel in het slot van de voordeur. Ik neem een douche in de hoop dat mijn huisgenoten er niets van zullen denken. Zo hard ik kan schrob ik mijn lijf. Het helpt niet, de vuiligheid zit van binnen. Ik heb pijn en ik ben misselijk. Zal dit ooit stoppen?

24 juli 2020

‘Wie je er ook bij betrekt het gaat je niet helpen. Jij gaat veel pijn krijgen.’ Even wordt het zwart voor mijn ogen en in mijn hoofd lijkt het oorlog. Geluiden, stemmen, paniek. Dan zie ik het bericht van mijn scherm verdwijnen. Ook alle andere berichten verdwijnen één voor één. Een paar seconden weet ik niet meer wat er gebeurt maar dan kan ik weer denken. Ik pak de telefoon en bel Jan Willem. Hij neemt niet op. Dan Henry maar, ik moet iemand spreken. Ook Henry neemt niet op. De paniek begint weer toe te slaan en ik weet niet wat ik moet doen. Maar dan gaat de telefoon. ‘JW’ staat er op het schermpje.

De Playmobil is uitgezocht, kastelen in elkaar gezet en alles staat op Marktplaats. Twee sets heb ik al verkocht en voor één set heb ik een bieder. Via de  mail komen we de prijs overeen en ik geef mijn rekeningnummer door voor de overboeking. De koper lijkt wat wantrouwig, hij heeft slechte ervaringen met Marktplaats zegt hij in een bericht, en vraagt mijn mobiele nummer ter controle. Prima, een app sturen kan altijd.

Een paar uur later gaat het mis. Ik moet via mijn mobiel € 0,01 overmaken en als dat niet lukt, krijg ik een QR-code die ik moet scannen. Ik doe het maar dan zie ik een vreemde melding op mijn reader. Ik breek de scan af en zeg de man dat ik op deze manier geen zaken doe. Dan beginnen de bedreigingen. Hij belt maar ik neem niet op. Via appjes jaagt hij mij de stuipen op het lijf maar dat ene bericht veroorzaakt kortsluiting in mijn brein ‘Jij gaat veel pijn krijgen.’

Trauma’s

De meeste mensen weten wel dat ik als kind seksueel misbruikt ben. Daar maak ik allang geen geheim meer van. Maar dat dit maar één van de trauma’s is die ik met me meedraag weten niet zo heel veel mensen. Jarenlang kenden alleen Jan Willem en mijn beste vrienden mijn hele verhaal. Tijdens de opleiding aan het Kempler Instituut veranderde dat. In het vierde jaar, toen we een weekend hadden met het thema ‘Trauma’ vertelde ik mijn studiegenoten mijn verhaal (over dat weekend schreef ik een blog). Het bovenstaande stukje is daar maar een heel klein onderdeeltje van.

Eerder wilde ik mijn ervaringen niet delen. Als zelfs mijn eigen ouders het verhaal van het seksueel misbruik ontkenden, zouden mensen dan andere, misschien nog wel ergere dingen, geloven? Ik was bang. Bang om voor gek versleten te worden, bang voor de gevolgen. En zo hadden de monsters uit het verleden grip op me en kon ik niet vrijuit praten als ik in het hier en nu ergens door geraakt werd.

Dat weekend met mijn studiegenoten en Roel Bouwkamp, de trainer van dat weekend, verandert er iets. Ik deel mijn verhaal en niemand ontkent, verslijt mij voor gek, maakt me uit voor leugenaar of iets van die aard. Het tegenovergestelde gebeurt. Ik krijg steun, liefde, troost, begrip, bewondering zelfs.

Toen en nu

1992
Ik slaap nauwelijks die nacht. Neem pijnstillers en lig met drie dekbedden over me heen nog steeds te rillen. De volgende dag volg ik mijn colleges en laat ik niets merken. De lessen zelfverdediging die we hebben in het kader van gym sla ik over. Even niemand aan mijn lijf nu.

24 juli 2020
Jan Willem hoort het verhaal aan en vraagt of hij naar huis moet komen. Hij weet wat dit voor mij betekent. Maar ik heb me al herpakt, ik kan dit aan. Er gaat niets gebeuren. Ik ben alleen bijna opgelicht. In mijn hoofd wordt het weer rustiger. Ik denk nog een beetje traag, moet op internet het nummer van de politie zoeken hoewel ik het Jan Willem net nog heb horen zeggen en bel op. Een vriendelijke en begripvolle agente staat me te woord. Ze luistert naar mijn verhaal, stelt vragen en vertelt dat dit de laatste tijd heel vaak gebeurt. Dat helpt. Dit gaat niet om mij, dit gaat om mijn geld. Ze adviseert me om ook de bank te bellen. Dat doe ik en ook daar een meelevende vrouw die met me meedenkt en kijkt of er iets vreemds te zien is op mijn rekening. Uit voorzorg blokkeert ze de rekening. Ik heb nog niet opgehangen of Henry en Trudie staan op de stoep. Ik doe nog een keer het hele verhaal.

Held

Henry en Trudie gaan naar huis en ik plaats een postje op Facebook. Een vakantieblog schrijven zit er niet meer in vandaag. Jammer maar het is niet anders. Ik hoop dat ik anderen kan waarschuwen voor deze oplichterij. Mijn angst is weg, de adrenaline gezakt en mijn hoofd is weer rustig en helder. Ik krijg een berichtje van Willeke, één van mijn medestudenten, als ze mijn postje op Facebook leest. Wat fijn, iemand die weet wat zo’n gebeurtenis met mij kan doen en even vraagt hoe het met me is. Als de kids naar bed zijn zit ik nog even na te denken over alles wat er gebeurd is. Wat een verschil met toen en nu. Toen wonnen de monsters met hun angstaanjagende woorden, nu win ik. Ik voel me een held.

Ik ga naar bed zonder ook maar een spoortje angst. Ik slaap diep en heb een hilarische droom. Ik moet heel hard lachen maar weet ‘s morgens niet meer waarom. Ik word wakker van het geluid van de vuilniswagen en bakken die geleegd worden. Opeens realiseer ik me dat het oud papier wordt opgehaald en dat onze bak echt overvol zit. Ik denk niet na maar ren in mijn pyjama-shirt naar beneden en naar buiten. ‘Sorry, sorry… kan hij nog mee?’ roep ik naar de vuilnisman. ‘Precies op tijd mevrouw, geef maar hier!’ zegt de vuilnisman zonder ook maar te verblikken of te verblozen. Ik ga snel naar binnen en moet hardop lachen om mezelf. Maar de bak is leeg!

Lummelen

Vandaag lummel ik een beetje. Dat mag wel na zo’n dag als gister. Ondertussen denk ik nog wat na. Over mijn leven, over dat bijzondere weekend bij Kempler, over gisteren, over hoe ik in elkaar zit. Ik hoor het Roel nog zeggen: ‘Ik hoop dat je ooit de moed hebt om je verhaal op te schrijven’. Vandaag deel ik er een fractie van. Omdat ik wil laten zien dat de monsters van toen te verslaan zijn. Niet door te doen wat ze willen, niet door te zwijgen of door vanuit angst te handelen. Maar door praten, te delen, hulp te vragen en te blijven staan in het hier en nu. Ik ben veel sterker dan ik ooit gedacht heb dat ik was. En als jij last hebt van monsters uit je verleden, dan geldt dat ook voor jou. Hier en nu is niet daar en toen. Hier en nu mag jij winnen en rechtop gaan staan. Je bent sterker dan je denkt. Je bent een held! Wij zijn helden!

Deel dit bericht op:

3 Reacties

  1. Klaas

    Vlak voordat ik de laatste regel las, dacht ik: jij bent een held! Yes, je bent een held!

    Antwoord
  2. Paula

    Wat schrijf je als reactie op dit blog? ? ?
    Zoveel diverse dingen worden beschreven, het 1 iets uitgebreider als het ander, maar juist de hele kleine woorden houden zoveel in. Enerzijds te lezen hoe diep de pijn van het verleden in je denken en voelen verweven is en anderzijds hoe je hier , thank God en jouw wilskracht en hulpverleners , “uitgekomen “ bent en hierdoor voor velen tot hulp en bemoediging bent.
    Naast dat spijt het mij dat ik niet eerder gereageerd heb op je fb bericht ! Opgelicht! Gelukkig is dat niet gebeurd! Hopelijk ga je opgelucht en hm….ik zou eigenlijk best wel opgelicht, morgen wakker willen worden😉
    Alleen het idee is al een opluchting dat zoiets bestaat! Enne…. laat aw lekker in zijn tent. Maarre…. ik kan het mij eigenlijk niet goed voorstellen… maar mocht je nog ‘s denken/ervaren iemand op welk vlak dan ook effe”
    Stil” naast je te hebben of iets te zeggen, dan ben ik er, met zoals heel veel die vast nog meer voor je er kunnen zijn voor jou. Hopelijk net zo als jij er voor anderen bent. Gruss gott!🤗😘😇

    Antwoord
  3. Annemarie van Dam

    Gedichtje gemaakt naar aanleiding van je blog. Het was herkenbaar voor mij.

    Waarom, God?
    Waarom?
    Bent U
    Bij mij God
    In alles
    Ook toen
    Waarom, God?
    Waarom?
    Mijn stille tranen
    Zij kostbaar
    Voor U
    Toen en nu

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten